De formule
Hoe je een aflossingsschema berekent
De maandelijkse aflossing volgt uit het geleende bedrag, de rentevoet en de looptijd, en blijft daarna constant. Wat verandert is de verdeling binnen elke aflossing: in het begin gaat het merendeel naar rente op het openstaande saldo, en pas geleidelijk verschuift dat naar kapitaal.
Het resterend saldo na een gekozen aantal jaren wordt berekend door het bedrag eerst op te rekenen met de rente, en daarvan af te trekken wat er ondertussen al is afgelost.
Waarom het aflossingsschema belangrijk is
Dit verklaart waarom het saldo in de eerste jaren nauwelijks daalt, ook al betaal je trouw elke maand. Wie herfinanciert of vervroegd verkoopt kort na de start, merkt dat er veel minder kapitaal is afgelost dan de afbetaalde bedragen doen vermoeden.
Het inzicht is ook de basis om te beslissen of extra aflossen zinvol is: elke euro extra kapitaal vermijdt alle toekomstige rente die op dat bedrag zou zijn aangerekend.
Rekenvoorbeeld
Bij € 250.000 geleend tegen 4,5% over 25 jaar bedraagt de maandelijkse aflossing ongeveer € 1.390. In de eerste maand is daarvan zowat € 938 rente — bijna twee derde van de aflossing. Na 5 jaar staat het saldo nog rond € 219.617, wat betekent dat er in die periode pas ongeveer € 30.383 kapitaal is afgelost, nog geen 13% van het geleende bedrag.
De uitkomst interpreteren
Verwar de rentevaste periode niet met de looptijd. Een rentevoet die vijf jaar vastligt op een lening van 25 jaar betekent dat je na die vijf jaar herfinanciert tegen een dan geldende, onbekende rentevoet — het getoonde saldo is precies het bedrag waarop dat gebeurt.
Bij een looptijd van 25 jaar tegen gangbare rentevoeten ligt dat kantelpunt rond jaar elf of twaalf. Bij een kortere looptijd ligt dat veel vroeger, omdat van bij de start al een groter deel van elke aflossing kapitaal is.
Ja, en behoorlijk sterk. Een extra aflossing gaat volledig naar kapitaal, waardoor alle toekomstige rente op dat bedrag wegvalt — bij een lening van 25 jaar kan een vroege extra aflossing van 1.000 euro op termijn meer dan het dubbele aan rente besparen.