De formule
Hoe je de break-evenomzet berekent
Deel de vaste kosten door het dekkingsbijdragepercentage en je krijgt de omzet waarbij alle kosten precies gedekt zijn. Omdat er in omzet wordt gerekend in plaats van in eenheden, werkt deze berekening voor elk bedrijf, ook wanneer er honderden verschillende producten verkocht worden.
Trek de break-evenomzet af van de huidige omzet en deel dat verschil door de huidige omzet voor de veiligheidsmarge: het percentage waarmee de omzet kan dalen voordat er verlies ontstaat.
Waarom de break-evenomzet belangrijk is
De veiligheidsmarge is het bruikbaarste onderdeel van deze berekening. Ze beantwoordt de vraag die een neergaande markt daadwerkelijk stelt: hoe ver kan de omzet dalen voordat het bedrijf verlies maakt? Een marge boven 30 procent is comfortabel; onder 15 procent ligt het bedrijf kwetsbaar — één verloren contract of een zwak kwartaal duwt het dan al in het rood, met weinig tijd om bij te sturen.
Rekenvoorbeeld
Een bedrijf heeft € 150.000 aan vaste kosten, een dekkingsbijdragepercentage van 40 procent en draait momenteel € 540.000 omzet. De break-evenomzet is € 150.000 ÷ 40 procent = € 375.000.
De veiligheidsmarge is (€ 540.000 − € 375.000) ÷ € 540.000 × 100 = 30,56 procent: de omzet kan met € 165.000 dalen voordat het bedrijf in de rode cijfers komt.
De uitkomst interpreteren
Vaste kosten blijven alleen vast binnen een bepaalde bandbreedte — een extra dienst, magazijn of leidinggevende verhoogt de basis in één keer, en de break-evenomzet springt daarmee mee. Reken de berekening daarom opnieuw door zodra de bedrijfsstructuur wezenlijk verandert.
Twintig tot dertig procent of meer voor een gevestigd bedrijf. Startende bedrijven draaien vaak met een negatieve veiligheidsmarge, en dat is precies waarom ze financiering nodig hebben om het omslagpunt te bereiken.
Als de eigenaar betaald moet worden, wel. Veel kleine ondernemingen laten dat bij de break-evenberekening stilzwijgend weg, waardoor de werkelijk benodigde omzet wordt onderschat.