Roerende voorheffing 2025: 30% tarief, en twee vrijstellingen die je kunnen verlagen
Foto van Roman Wimmers · Unsplash
Op de meeste interesten en dividenden houdt je bank of het uitkerende bedrijf meteen 30% roerende voorheffing in. Voor spaarrekeningen en dividenden bestaan daar specifieke, beperkte vrijstellingen op.
Op de meeste interesten en dividenden die je als particulier ontvangt, houdt de uitbetalende instelling 30% roerende voorheffing in. Voor gereglementeerde spaarrekeningen en voor dividenden bestaan daar in 2025 twee specifieke, beperkte vrijstellingen op: de eerste € 1.020 spaarrente en de eerste € 833 dividend per persoon ontsnappen aan die 30%, of kan je nadien terugvorderen. Hier is precies hoe dat werkt, rechtstreeks van de FOD Financiën.
Het standaardtarief: 30% op de meeste roerende inkomsten
Interesten en dividenden die je ontvangt van je spaarrekening of beleggingen — obligaties, aandelen, fondsen — noemt de fiscus 'roerende inkomsten'. Sinds 2017 bedraagt het basistarief van de roerende voorheffing daarop 30%. In de meeste gevallen houdt de Belgische uitbetalende instelling, meestal je bank, dat bedrag automatisch in en stort ze door aan de schatkist op het moment van betaling. Die roerende voorheffing is bovendien een bevrijdende belasting: eenmaal ingehouden, ben je in principe niet verplicht die inkomsten nog eens aan te geven in je belastingaangifte. Dit staat zo beschreven op de officiële pagina van FOD Financiën over spaargeld en beleggingen.
Ontvang je interesten of dividenden waarop geen Belgische tussenpersoon betrokken was — bijvoorbeeld rechtstreeks van een buitenlandse bank of onderneming — dan houdt niemand automatisch roerende voorheffing voor je in. In dat geval ben je wél verplicht om die inkomsten zelf in je aangifte te vermelden, tenzij een van de vrijstellingen hieronder van toepassing is. Het land van de buitenlandse bank kan bovendien zijn eigen bronbelasting inhouden; dat bedrag is geen Belgische roerende voorheffing en wordt apart verrekend.
De vrijstelling op je gereglementeerde spaarrekening
De meeste Belgische spaarrekeningen zijn 'gereglementeerde' spaarrekeningen: ze voldoen aan een aantal wettelijke voorwaarden en leveren zowel een basisrente als een getrouwheidspremie op. Voor dat type rekening geldt een specifieke vrijstelling: de eerste € 1.020 interest per belastingplichtige en per jaar is volledig vrijgesteld van roerende voorheffing. Ontvang je meer, dan betaal je op het deel boven die grens 15% in plaats van 30%. Voor een rekening op naam van twee gehuwden of wettelijk samenwonenden wordt die vrijstelling verdubbeld tot € 2.040, omdat elke partner apart recht heeft op het bedrag van € 1.020.
| Interest op gereglementeerde spaarrekening | Tarief |
|---|---|
| Eerste € 1.020 per persoon | 0% (vrijgesteld) |
| Boven € 1.020 per persoon | 15% |
Ontving je in 2025 bijvoorbeeld € 1.600 interest op je gereglementeerde spaarrekening, dan blijft € 1.020 volledig belastingvrij en betaal je enkel op het restant van € 580 15% belasting, ofwel € 87. Zonder die vrijstelling, aan het gewone tarief van 30% op het volledige bedrag, zou dat € 480 geweest zijn — de vrijstelling en het verlaagde tarief samen schelen hier dus € 393.
De vrijstelling op dividenden, en hoe je ze terugvraagt
Op dividenden uit gewone aandelen en coöperatieve aandelen geldt een gelijkaardige, maar apart geregelde vrijstelling: de eerste € 833 dividend per belastingplichtige en per jaar is vrijgesteld van roerende voorheffing. Het verschil met de spaarrekening is dat de bank of het bedrijf de 30% roerende voorheffing meestal wél eerst volledig inhoudt op het volledige dividend, ook op het vrijgestelde deel. Je moet die te veel ingehouden voorheffing dus terugvragen via je belastingaangifte, onder code 1437/2437, in plaats van dat ze automatisch wegvalt. Werd op je dividend geen roerende voorheffing ingehouden — bijvoorbeeld bij een buitenlandse effectenrekening — dan hoef je enkel het bedrag boven de vrijstelling aan te geven.
Bij het gangbare tarief van 30% komt de vrijstelling van € 833 neer op een terugvorderbaar bedrag van maximaal € 249,90 per persoon en per jaar. Doe je een gezamenlijke aangifte met je partner, dan heeft ieder van jullie afzonderlijk recht op de volledige vrijstelling van € 833, dus samen € 1.666. Deze regels staan beschreven op de pagina van FOD Financiën over vrijstellingen op dividenden.
Een volledig rekenvoorbeeld
Stel, je ontving in 2025 € 2.000 aan dividenden, waarop je bank meteen 30% roerende voorheffing inhield, ofwel € 600. Via je aangifte vraag je de voorheffing terug op de eerste € 833 van dat bedrag:
| Onderdeel | Bedrag |
|---|---|
| Bruto dividend | € 2.000 |
| Ingehouden roerende voorheffing (30%) | € 600 |
| Terugvorderbaar via aangifte (30% van € 833) | € 249,90 |
| Uiteindelijke belasting op dit dividend | € 350,10 |
Vergeet je die terugvordering, dan betaal je op dit dividend het volledige tarief van 30%, ofwel € 600 — € 249,90 meer dan nodig. De vrijstelling is dus geen automatisme zoals bij de spaarrekening, maar iets wat je zelf moet aanvragen.
Een minder bekende vrijstelling: erkend crowdfunding
Naast spaarrekeningen en dividenden bestaat er nog een derde, specifiekere vrijstelling: de eerste € 16.270 interest op bepaalde leningen die je afsluit via een erkend crowdfundingplatform voor kleine, startende vennootschappen is eveneens vrijgesteld van roerende voorheffing, op voorwaarde dat aan een aantal wettelijke voorwaarden is voldaan. Dit grensbedrag ligt aanzienlijk hoger dan bij de twee vrijstellingen hierboven, maar is ook maar op een specifieke, kleinere groep beleggingen van toepassing.
Wat buiten de vrijstelling van je spaarrekening valt
De vrijstelling van € 1.020 geldt uitsluitend voor 'gereglementeerde' spaarrekeningen — rekeningen die aan specifieke wettelijke voorwaarden voldoen en zowel een basisrente als een getrouwheidspremie opleveren. Termijnrekeningen, kasbons en zogenaamde 'hoogrentende' spaarrekeningen die niet aan die wettelijke definitie voldoen, vallen er niet onder: op de interesten daarvan betaal je van de eerste euro af het volledige tarief van 30%, ook al lijkt zo'n rekening op het eerste gezicht op een gewone spaarrekening. Twijfel je of jouw rekening gereglementeerd is, dan vermeldt je bank dat meestal expliciet in de rekeningvoorwaarden of op je jaaroverzicht.
Wat te controleren voor je eigen aangifte
- De vrijstelling op je spaarrekening (€ 1.020) verloopt automatisch via je bank en hoeft normaal niet apart aangevraagd; de vrijstelling op dividenden (€ 833) moet je zelf terugvorderen via code 1437/2437 in je aangifte.
- Beide grensbedragen gelden per belastingplichtige, niet per rekening — heb je meerdere spaarrekeningen, dan tel je alle interesten samen voor de vrijstelling van € 1.020.
- Deze bedragen blijven volgens de FOD Financiën ongewijzigd voor inkomstenjaar 2026, maar controleer bij twijfel altijd de meest recente publicatie op fin.belgium.be.
- Niet-gereglementeerde spaarrekeningen en termijnrekeningen vallen niet onder de vrijstelling van € 1.020 — daarop betaal je van de eerste euro af 30%.
Bronnen
Dit is algemene informatie, geen fiscaal advies. Je persoonlijke situatie, met inbegrip van eventuele andere roerende inkomsten of buitenlandse bronbelasting, kan het uiteindelijke bedrag beïnvloeden. Raadpleeg voor je eigen aangifte de FOD Financiën rechtstreeks of een erkend boekhouder.