Een gouden munt van 2 euro
Rente

De ECB-rente in 2026: waarom de rente weer omhoog ging

Foto van Immo Wegmann · Unsplash

De ECB hield de rente het grootste deel van het jaar stabiel op 2,00% — tot de inflatie weer begon op te lopen. Wat er sindsdien gebeurde, en wat dat betekent voor spaarders en leners.

Na twee jaar waarin de rente vooral omlaag ging, verhoogde de Europese Centrale Bank de rente in 2026 tweemaal — in juni naar 2,25% en in september naar 2,50%. De directe aanleiding was geen geheim: de inflatie in de eurozone liep in de loop van het jaar weer op, en de ECB reageerde daarop zoals ze dat altijd doet. Wat dat concreet betekent voor wie spaart of een hypotheek heeft, hangt af van een paar stappen die niet vanzelfsprekend zijn.

Het jaar in vier beslissingen

De Raad van Bestuur van de ECB vergadert ongeveer om de zes weken over de rente. Vier momenten vertellen het grootste deel van het verhaal van 2026:

MomentBeslissingDepositorente daarna
Maart 2026Ongewijzigd2,00%
Juni 2026Verhoogd met 0,25 procentpunt2,25%
Juli 2026Ongewijzigd2,25%
September 2026Verhoogd met 0,25 procentpunt2,50%

De depositorente is het tarief waartegen banken hun overtollige geld bij de ECB kunnen stallen, en geldt binnen de eurozone als de belangrijkste van de drie officiële ECB-rentes om het monetaire beleid mee te volgen. De officiële besluiten worden gepubliceerd door de ECB zelf, inclusief de toelichting bij elke vergadering.

Waarom de ECB van koers veranderde

De renteverhoging in juni 2026 volgde op een inflatiecijfer van 3,2% in mei — ruim boven de doelstelling van de ECB van 2% op de middellange termijn. Tegen augustus was de inflatie verder opgelopen naar 3,3%, vooral gedreven door hogere energie- en dienstenprijzen, wat de tweede verhoging in september verklaart. Dat is een omslag ten opzichte van de voorgaande jaren, waarin de ECB de rente juist stapsgewijs verlaagde richting 2,00% om de economie te ondersteunen nadat eerdere inflatiepieken waren afgenomen. Een centrale bank die binnen een jaar van rentepauze naar renteverhoging gaat, doet dat zelden lichtzinnig — het is een signaal dat de vooruitzichten voor prijsstabiliteit zijn verslechterd.

Wat dit doet met je spaarrente

Een hogere ECB-rente werkt door naar de rente die banken op spaarrekeningen aanbieden, maar niet automatisch en niet meteen. Banken verhogen hun spaarrente doorgaans met vertraging, en vaak minder dan de ECB zelf beweegt — een deel van de verhoging blijft simpelweg marge voor de bank. Wie in 2026 merkte dat de rente op een spaarrekening niet meebewoog met het ECB-nieuws, zag precies dat mechanisme in actie. Wat een concreet spaartegoed bij een gegeven rente werkelijk oplevert, hangt vervolgens af van hoe vaak de rente wordt bijgeschreven — maandelijks bijschrijven levert op termijn meer op dan jaarlijks, ook bij hetzelfde opgegeven percentage.

Wat dit doet met hypotheekrente

Voor hypotheken ligt het verband nog indirecter. Een variabele hypotheekrente volgt de ECB-rente doorgaans sneller dan een spaarrente, terwijl een vaste hypotheekrente vooral wordt bepaald door de rente op langlopende obligaties — die weer reageert op wat beleggers verwachten dat de ECB de komende jaren gaat doen, niet alleen op de meest recente beslissing. Een renteverhoging in september zegt dus iets over wat er al gebeurd is; wat een hypotheek over vijf of tien jaar precies gaat kosten, hangt af van verwachtingen die continu bijgesteld worden, niet van één enkele ECB-vergadering. Wie een vaste rente binnenkort ziet aflopen, merkt dat het aanbod van de bank al die verwachtingen bevat — niet alleen de rente van vandaag.

Eén rente voor twintig landen

Wat de ECB-rente bijzonder maakt ten opzichte van bijvoorbeeld de rente van de Amerikaanse Federal Reserve, is dat ze geldt voor de hele eurozone tegelijk — twintig landen met uiteenlopende economieën, arbeidsmarkten en inflatiecijfers, allemaal onder hetzelfde ene tarief. Een verhoging die in de ene lidstaat precies op tijd komt om oververhitting af te remmen, kan in een andere lidstaat een economie raken die nog helemaal niet zo hard groeide. Voor België betekent dit dat de ECB-beslissing nooit specifiek is afgestemd op de Belgische situatie alleen, maar op een gemiddelde over de hele muntunie — een van de vaste spanningsvelden van een gezamenlijke munt met nationale economieën die niet altijd gelijk oplopen.

Wat de markt nu verwacht

Voor de eerstvolgende vergadering, eind oktober 2026, gaat de markt er grotendeels van uit dat de ECB de rente op 2,50% laat staan — maar dat kan wijzigen zodra nieuwe inflatiecijfers verschijnen. Dat is precies de reden om geen enkel percentage in dit artikel te lezen als een blijvend gegeven: een centrale bank die binnen één jaar tweemaal van richting is veranderd, kan dat opnieuw doen zodra de cijfers daar aanleiding toe geven. Financiële markten proberen dat soort beslissingen doorlopend in te schatten, wat te zien is in hoe rentes op staatsobligaties bewegen nog vóórdat de ECB zelf iets heeft aangekondigd — een reden waarom hypotheekrentes soms al veranderen in de weken voor een ECB-vergadering, puur op verwachting.

Wat hiermee te doen, praktisch

  • Vergelijk de rente op een spaarrekening periodiek, niet alleen na een ECB-beslissing — banken passen tarieven met eigen timing aan, niet automatisch op de vergaderdatum.
  • Bij een variabele hypotheek: reken door wat een volgende stap van 0,25 procentpunt zou betekenen voor de maandlast, in plaats van te wachten tot die stap zich daadwerkelijk voordoet.
  • Bij een vaste hypotheekrente die binnenkort afloopt: de rente die nu wordt aangeboden voor een nieuwe periode weerspiegelt al de verwachtingen over toekomstige ECB-besluiten, niet alleen het huidige tarief.
  • Wie spaart voor een doel op middellange termijn — een aanbetaling, een grote aankoop — doet er goed aan de rente op een spaargeldrekening minstens jaarlijks te vergelijken, aangezien banken lang niet altijd uit zichzelf melden dat er een aantrekkelijker tarief beschikbaar is voor bestaande klanten.

Bronnen

Dit is algemene informatie, geen financieel advies. Rentetarieven veranderen doorlopend en verschillen per bank en per product. Voor een beslissing over je eigen spaargeld of hypotheek: vergelijk actuele tarieven rechtstreeks of raadpleeg een erkend financieel adviseur.

Veelgestelde vragen

Wat is de ECB-rente nu?
De depositorente staat sinds september 2026 op 2,50%, na een verhoging van 2,25% naar aanleiding van oplopende inflatie in de eurozone. Controleer voor de meest actuele stand altijd de eigen publicaties van de ECB, aangezien dit tussentijds kan wijzigen.
Waarom verhoogde de ECB de rente in 2026?
Als reactie op oplopende inflatie: 3,2% in mei 2026 leidde tot de verhoging in juni, en 3,3% in augustus tot de verhoging in september. Beide cijfers liggen ruim boven de ECB-doelstelling van 2% op de middellange termijn.
Merk ik een ECB-renteverhoging direct op mijn spaarrekening?
Meestal niet meteen. Banken passen hun spaarrente met vertraging aan, en vaak minder dan de ECB-rente zelf beweegt. Een deel van elke verhoging komt terecht in de marge van de bank in plaats van in de rente die je ontvangt.
Wat betekent dit voor mijn hypotheek?
Bij een variabele hypotheek volgt de rente de ECB doorgaans sneller dan bij een vaste hypotheek. Een vaste rente wordt vooral bepaald door verwachtingen over toekomstig beleid, dus een renteverhoging vandaag zegt niet automatisch iets over de rente die je bij een nieuwe vaste periode krijgt aangeboden.
Gaat de ECB-rente in 2026 nog verder omhoog?
Dat is niet met zekerheid te zeggen. De markt verwacht voorlopig een pauze, maar die verwachting kan veranderen zodra nieuwe inflatiecijfers verschijnen — precies zoals eerder dit jaar ook gebeurde.